Hoe kunnen veel gemeenten onderuitputting en reserves oplossen
Veel gemeenten zitten in een vreemde spagaat. Aan de ene kant roepen ze moord en brand over tekorten, maar aan de andere kant groeien de reserves tot astronomische hoogtes. Het is bijna bizar, toch? Met dat 'ravijnjaar' van 2026 voor de deur – waar de geldkraan vanuit Den Haag een stukje dicht wordt gedraaid – is het nu echt wel tijd om die reserves eens fatsoenlijk in te zetten. Stop met die spaarpot-mentaliteit. Het is geen geld voor de oude dag, maar kapitaal voor vandaag.
Financiële uitdagingen voor gemeenten
De cijfers liegen er niet om: miljarden euro's liggen stof te happen. Eind 2023 praten we over ruim 41 miljard. Bizar veel. Als ik naar die getallen kijk, zie ik geen gezonde financiële situatie, maar een gemeente die de boel niet op de rit heeft. Onderuitputting? Dat is in mijn ogen gewoon een beleefd woord voor 'we hebben onze plannen niet waargemaakt'. Het geld dat voor een park of een ICT-project was, is nu niks waard geworden door inflatie en uitstel. En ondertussen roepen we dat er geen budget is voor het sociale domein. Pijnlijk, hoor.
Strategieën voor financieel beheer
Als we 2026 willen overleven zonder dat alles direct op slot moet, is een rigoureuze switch nodig. Weg met dat afwachtende gedrag.
- Kijk naar wat je écht uitgeeft: Duik in de boeken van de laatste drie jaar. Waar lekt het geld weg? Vaak zijn het die eindeloze externe inhuur-trajecten die maar niet op gang komen.
- Begroot eerlijker: Als je weet dat een post historisch gezien voor 20% blijft liggen, begroot dan niet langer voor de volle 100%. Dat is eerlijker naar de raad toe.
- Check je solvabiliteit: Heb je meer dan 40% in de buffer? Dan ben je misschien wel té voorzichtig. Durf dat geld los te laten.
- Durf te kiezen: Maak die meerjarenagenda concreet. Vertel de raad: dit gaan we doen met die reserves, en ja, dit is een politieke keuze.
- Focus op resultaat: Stop met staren naar die budgettaire afwijking. Kijk liever of die stoep ook echt is aangelegd. Dat is wat telt.
Vergelijking van reserve-inzetstrategieën
| Strategie | Voordelen | Nadelen |
|---|---|---|
| Reserves gebruiken voor 2026 | Je koopt tijd en voorkomt paniekvoetbal. | Het is een pleister op een slagader. Tijdelijk dus. |
| Investeren in efficiëntie | Minder gedoe op de lange termijn. | Kost nu eerst geld en tijd. Geduld is een schone zaak. |
| Niets doen | Veilig bij een echte crisis. | Je krijgt een boze gemeenteraad en stilstand. |
Veelvoorkomende valkuilen
We trappen allemaal in dezelfde valkuilen. De grootste? Die 'reserve-val'. Je denkt dat je een structureel probleem oplost door eenmalig wat geld uit de pot te trekken, maar het gat is er volgend jaar gewoon weer. En wat te denken van project-hoarding? Potjes die al vijf jaar gereserveerd staan voor een project dat waarschijnlijk nooit gaat gebeuren. Haal dat geld eruit en doe er wat nuttigs mee. Angst voor de accountant of de provincie is trouwens ook een slechte raadgever; het verlamt je hele gemeente.
Veelgestelde vragen
Waarom hebben we die onderuitputting eigenlijk? Tja, personeel is lastig te vinden, projecten lopen uit, en we zijn soms als ambtenaar of bestuurder ook gewoon wat te angstig om echt geld uit te geven. Soms is niet uitgeven veiliger dan een fout maken.
Waarom zijn hoge reserves dan erg? Het is dood kapitaal. Dat geld staat niks te doen terwijl je inwoners juist nu steun kunnen gebruiken. Bovendien verslapt het je scherpte. Als je een dikke buffer hebt, hoef je immers niet creatief te zijn.
Mag je dat zomaar uitgeven? Nee, natuurlijk niet. De raad moet akkoord gaan, en je moet binnen de lijntjes van het toezicht blijven. Maar de ruimte is er vaak wel als je het goed onderbouwt.
Toekomstverwachtingen
Provincies gaan op de vingers tikken, dat is een zekerheidje. Ze gaan niet langer accepteren dat reserves groeien terwijl het sociale domein wordt uitgekleed. We gaan meer naar resultaat sturen, weg van die suffe input-budgetten. En misschien is samenwerken met de buurgemeente voor bepaalde zaken wel de enige manier om niet kopje onder te gaan. We moeten slimmer werken, niet harder.
Conclusie
Het komt uiteindelijk neer op een mentaliteitsverandering. Stop met oppotten. Begin met slim alloceren. Als je realistischer durft te begroten en die reserves eindelijk eens voor je laat werken in plaats van tegen je, dan overleef je die pittige jaren die komen gaan ook wel.
Bel die financiële mensen op, trek die scenario-analyse uit de la en ga aan de slag. Resultaat boeken begint bij actie, niet bij plannen maken.